In de haven en aan de kaden worden slechts toegelaten vaartuigen, welke daar moeten laden, lossen of overladen.
De bepaling van het le lid is niet van toepassing voor vaartuigen, waarvoor krachtens het bepaalde in artikel 30 door burgemeester en wethouders een vergunning tot het innemen van een ligplaats is verleend.
Voor rijksvaartuigen is de haven te allen tijde toegankelijk.
Personenvervoer.