**1..** De begripsomschrijvingen in de wet en de daarop berustende regelingen zijn van toepassing op de begrippen die in deze verordening worden gebruikt.
**2..** In deze verordening wordt verstaan onder:
de wet: Wet werk en bijstand;
peildatum: datum waarop het recht op de langdurigheidstoeslag ontstaat;
sociaal minimum:de toepasselijke bijstandsnorm vermeerderd met de maximale toeslag;
WTOS: Wet tegemoetkoming onderwijsbijdrage en schoolkosten;
WSF 2000: Wet Studiefinanciering;
referteperiode: de periode voorafgaand aan de peildatum welke voor personen van 21 tot 65 jaar 36 maanden bedraagt;
Inkomen:het inkomen als bedoeld in artikel 32 van de wet, met dien verstande dat voor de zinsnede ‘een periode waarover een beroep op bijstand wordt gedaan’ moet worden gelezen ‘de referteperiode’. Een bijstandsuitkering wordt, in afwijking van artikel 32 van de wet voor de beoordeling van het recht op langdurigheidstoeslag als inkomen gezien.