De agenda voor de vergadering wordt door de voorzitter en de
professionele ondersteuner in gezamenlijk overleg
opgesteld.
Elk lid, alsmede de ambtenaar bedoeld in artikel 4 en de
professionele ondersteuner als bedoeld in artikel 6, heeft het
recht schriftelijk agendavoorstellen bij de voorzitter in te
dienen.
De agenda wordt ten minste één week voor de vergadering aan de
leden en eventuele genodigden toegezonden.