**1..** Onverminderd het bepaalde in artikel 4:35 Algemene wet bestuursrecht kan het college de garantie weigeren voor zover:
er geen sprake is van continuïteit in het voortbestaan van de aanvrager gedurende de looptijd van de garantie;
de doelstellingen die met de garantie worden nagestreefd, niet zullen worden bereikt;
het risico voor de gemeente niet acceptabel is;
er geen sprake is van een ‘goed bestuur’ van de aanvrager;
de aanvrager niet voldoet aan de voorwaarden en criteria voor garantieverlening die bij of krachtens deze richtlijnen zijn vastgesteld;
de liquiditeitspositie van aanvrager niet toereikend is om de rente en aflossing van de geldlening gedurende de looptijd van de garantie te voldoen.