De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel a, wordt geheven bij wege van voldoening op aangifte en moet worden betaald bij de aanvang van het parkeren.
De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel b, wordt geheven bij wege van voldoening op aangifte en moet worden betaald voor of op het tijdstip waarop de vergunning wordt verleend.
Een naheffingsaanslag moet terstond worden betaald.
Artikel 6
Wijze van heffing en termijnen van betaling
Onderdeel van Verordening op de heffing en invordering van parkeerbelastingen 2005