**1..** De belasting bedoeld in artikel 2, onder a, voor het parkeren op de parkeerapparatuurplaatsen, wordt geheven bij wege van voldoening op aangifte en moet worden betaald bij de aanvang van het parkeren.
**2..** De belasting bedoeld in artikel 2, onder a, voor het parkeren anders dan op parkeerapparatuurplaatsen wordt geheven bij wege van inworp van geld in een betaalautomaat dan wel bij wege van nota en moet worden betaald na afloop van het parkeren dan wel terstond na aanbieding van de nota.
**3..** De belasting bedoeld in artikel 2, onder b, wordt geheven bij wege van voldoening op aangifte en moet worden betaald op het tijdstip waarop de vergunning wordt verleend.
**4..** Een naheffingsaanslag moet terstond worden betaald.
Hoofdstuk
Artikel 6
Wijze van heffing en termijnen van betaling
Onderdeel van Verordening op de heffing en invordering van Parkeerbelastingen 2013