Personen die als beroepskracht of begeleider werkzaam zijn bij een
peuterspeelzaal zijn in het bezit van een verklaring omtrent het gedrag, afgegeven volgens de Wet
justitiële gegevens.
Deze verklaring wordt aan de houder overlegt voordat een persoon
zijn werkzaamheden aanvangt. De verklaring is op het moment dat
zij wordt overlegd niet ouder dan twee maanden.
Indien de houder of de toezichthouder redelijkerwijs vermoedt
dat een persoon niet langer voldoet aan de eisen voor het
afgeven van een verklaring omtrent het gedrag, verlangt de
houder dat die persoon opnieuw een verklaring omtrent het gedrag
overlegt die niet ouder is dan twee maanden. De desbetreffende
persoon overlegt de verklaring binnen een door de houder vast te
stellen termijn.
Hoofdstuk 3.
Artikel 14.
Verklaring omtrent het gedrag
Onderdeel van Verordening kwaliteitsregels peuterspeelzalen