Het havengeld wordt niet geheven voor het gebruik van de gemeentehavens, wateren, bruggen en sluizen door of voor:
a. vaartuigen van het Rijk;
b. vaartuigen van de gemeente of vaartuigen waarmee werkzaamheden worden verricht ten behoeve van de gemeente;
c. een jol of een sloep die tot de inventaris van een vaartuig behoort:
d. hospitaalschepen of schepen die als zondanig dienst doen;
e. vaartuigen van reddingsmaatschappijen;
f. een vaartuig dat gedurende een tijdvak van ten hoogste 3 achtereenvolgende uren een ligplaats inneemt.
Artikel 4
Vrijstellingen
Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van havengelden 2013