Lid 1
Indien de klachtencommissie dit voor de uitoefening van haar taak noodzakelijk acht stelt zij een onderzoek in.
Lid 2
Ten behoeve van het onderzoek is de klachtencommissie bevoegd bij het bevoegd gezag alle inlichtingen in te winnen die zij voor de vorming van haar advies nodig acht. Het bevoegd gezag verschaft de klachtencommissie de gevraagde inlichtingen en stelt de klachtencommissie desgevraagd in de gelegenheid de werkomgeving te aanschouwen.
Lid 3
Het bevoegd gezag stelt personen werkzaam binnen de aangesloten organisatie in de gelegenheid te worden gehoord.
Lid 4
Personen als bedoeld in lid 3 die door de klachtencommissie worden opgeroepen, zijn verplicht te verschijnen.
Lid 5
De klachtencommissie kan het bevoegd gezag adviseren tussentijdse maatregelen te nemen indien en voor zover dit in het belang is van het onderzoek of van de positie van de in het onderzoek betrokken personen.
Lid 6
De klachtencommissie kan op verzoek van klager en op door klager te motiveren gronden de behandeling van de klacht voor een periode van ten hoogste twee maanden opschorten.