Lid 1
De melder kan het vermoeden van een misstand binnen redelijke termijn melden bij het meldpunt, indien:
hij het niet eens is met het standpunt als bedoeld in artikel 7;
hij geen standpunt ontvangen heeft binnen de termijnen als bedoeld in artikel 7.
Lid 2
Het meldpunt maakt de identiteit van de melder niet bekend zonder instemming van de melder.