Het is verboden voortstuwers, boegschroeven of hekschroeven te
gebruiken indien het schip:
aan de grond zit;
gemeerd, ten anker of op spudpalen ligt, of;
ter hoogte van kade of oevers wordt gaande gehouden of
tegen de kade of oever wordt gedrukt, anders dan
noodzakelijk voor het ontmeren of afmeren.
Tijdens het in werking zijn van voortstuwers, boegschroeven of
hekschroeven van een schip is er een persoon in de stuurhut
aanwezig, die bekend is met de bediening van het schip.
Het in het eerste lid gestelde verbod is niet van toepassing
indien het een aan een ander schip gemeerd bunker- of
bevoorradingsschip betreft, dat moet bij- of afdraaien ter
voorkoming van schade.
Het college kan van het in het eerste lid gestelde verbod
ontheffing of vrijstelling verlenen.
§ 3
Artikel 3.7
Gebruik van voortstuwers, boegschroeven of hekschroeven
Onderdeel van Havenbeheersverordening Papendrecht 2011