**1..** Deze verordening is uitsluitend van toepassing op
leningaanvragen:
van in Papendrecht woonachtige verblijfsgerechtigde personen
die op het moment van de aanvraag minimaal een jaar
zelfstandig een huurwoning bewonen of minimaal een jaar
inwonend zijn. In geval van twee aanstaande eigenaren dient
ten minste één van beiden aan één van beide criteria te
voldoen;
van personen die op het moment van aanvraag minimaal 18 jaar
zijn maar niet ouder zijn dan 35 jaar. Dit geldt voor alle
leden van het huishouden van aanvrager(s);
van personen die niet eerder een koopwoning in eigendom
hebben gehad en de aan te kopen woning als hoofdbewoner zelf
gaan bewonen;
van personen, bedoeld onder a tot en met c, waarvan het
bruto jaarinkomen van het huishouden een bedrag van €
40.000,-- niet te boven gaat;
voor het verwerven van koopwoningen, zijnde woningen die
voor permanente bewoning zijn bestemd, in Papendrecht
waarvan de kosten voor het verkrijgen in eigendom van de
woning niet hoger zijn dan € 187.000,--;
de Starterslening wordt, evenals de eerste hypotheek, alleen
onder Nationale Hypotheek Garantie verleend en bedraagt €
37.4000,--;
In de eerste drie jaar na invoering van de Starterslening
zullen maximaal tien leningen per jaar worden verstrekt
waarbij de volgorde van ontvangst van de aanvraag bepalend
is. Indien er meer aanvragen worden ontvangen dan er
Startersleningen kunnen worden verstrekt en de aanvragen op
dezelfde dag zijn ontvangen dan zal door middel van loting
door een notaris worden bepaald welke aanvraag voor de
lening in aanmerking komt. Wanneer het maximum van tien is
bereikt (datum van ontvangst van de aanvraag bepaalt tot
welk jaar de aanvraag behoort), kan in het nieuwe
kalenderjaar een nieuwe aanvraag worden ingediend.
**2..** Deze verordening is niet van toepassing op leningaanvragen:
voor woningen die door een woningcorporatie met korting aan
een zittende huurder worden verkocht;
voor woningen die door middel van een MGE- of vergelijkbare
constructie (Maatschappelijk Gebonden Eigendom) worden
verkocht, voor niet voor permanente bewoning bestemde
woningen en voor tweede woningen;
de hoofdsom van de VROM Starterslening bedraagt maximaal 20%
van de kosten voor het in eigendom verkrijgen van de woning.
**3..** Burgemeester en wethouders zijn bevoegd om de in het eerste lid sub
a tot en met e genoemde voorwaarden aan te passen.
**4..** Burgemeester en wethouders zijn bevoegd om in afwijking van artikel
6, lid 1, sub g de Starterslening uitsluitend in te zetten voor
aangewezen woningprojecten. Het Totale aantal leningen in de eerste
drie jaar mag daarbij niet hoger zijn dan 30.