Burgemeester en wethouders beslissen omtrent de aanvraag binnen acht weken na afloop van het kwartaal waarop de aanvraag betrekking heeft.
Burgemeester en wethouders kunnen de termijn van acht weken, als bedoeld in het eerste lid, met ten hoogste acht weken verlengen. Van hun daartoe strekkend besluit doen zij voor het verstrijken van de in dat lid genoemde termijn mededeling aan de aanvrager.