Het is verboden zonder vergunning van het college de weg of een weggedeelte of een openbare plaats anders te gebruiken dan overeenkomstig de bestemming daarvan.
Een vergunning bedoeld in het eerste lid kan worden geweigerd:
indien het beoogde gebruik schade toebrengt aan de weg, gevaar oplevert voor de bruikbaarheid van de weg of voor het doelmatig en veilig gebruik daarvan, dan wel een belemmering kan vormen voor het doelmatig beheer en onderhoud van de weg;
indien het beoogde gebruik hetzij op zich zelf, hetzij in verband met de omgeving niet voldoet aan redelijke eisen van welstand;
in het belang van de voorkoming of beperking van overlast voor gebruikers van de in de nabijheid gelegen onroerende zaak.
Beleidsregel 3
Het college verleent geen vergunning om in het voetgangersgebied van Inverdan de weg of een weggedeelte anders te gebruiken dan overeenkomstig de bestemming daarvan. De volgende weigeringsgronden zijn van toepassing.
De weigeringsgrond van artikel 2:10, vijfde lid, onder a. De inrichting van het voetgangersgebied in Inverdan is gericht op het vrij en onbelemmerd gebruik van deze buitenruimte door het publiek. Gebruik van een weg(gedeelte) voor een afwijkende bestemming doet daaraan afbreuk. Een dergelijk gebruik levert gevaar op voor een doelmatig en veilig gebruik van dat weggedeelte als voetgangersgebied.
De weigeringsgrond van artikel 2:10, vijfde lid, onder b. Gebruik van een weg(gedeelte)voor een afwijkende bestemming doet afbreuk aan het stadsbeeld zoals beoogd in het beeldkwaliteitsplan Inverdan en de welstandsnota. Een afwijkend gebruik van het voetgangersgebied voldoet daardoorniet aan redelijke eisen van welstand.
De genoemde weigeringsgronden zijn niet van toepassing op de ruimte gelegen in de Overtuinen ten oosten van de kiosk“Het Sluishuis“, aangezien bij de inrichting deze ruimte is gecreëerd voor een uitstalling bij deze kiosk. Ook geldtdeze beleidsregel niet voor hethorecaconcentratiegebied. Hier gelden de afspraken als opgenomen in de Sideletter Terrassen Horecaconcentratiegebied Zaandam, 2011.
Beleidsregel 4
Aan een vergunning ten behoeve van een winkel in het gemengd gebied zoals aangegeven in bijlage 1, verbindt het college de volgende voorschriften.
Een uitstalling bij de winkel mag een strook van maximaal 1 meter langs en tegen de gevel in beslag nemen,
Reclame-uitingenin de openbare ruimte bij de winkel mogen niet meer dan 1 uiting zijn en maximaal 1 m2 in beslag nemen,
Indien de winkel een uitstalling heeft in een strook langs of tegen de gevel, mag de winkel buiten deze strook geen reclamebord of andere uiting plaatsen.
Beleidsregel 5
Bij overtreding van het gebod op het gebruik van de weg niet overeenkomstig de bestemming, treedt het college op door het opleggen van een last onder bestuursdwang met een uiterst korte begunstigingstermijn. De begunstigingstermijn bedraagt maximaal 24 uur vanaf het moment dat de overtreder over het voornemen tot handhaving is geïnformeerd. Indien de overtreder bij machte is de overtreding te beëindigen binnen een kortere termijn dan 24 uur, zal een navenant kortere begunstigingstermijn worden gegeven. De kosten van bestuursdwang worden ten laste van de overtreder gebracht.
Artikel 2:10
Voorwerpen of stoffen op, aan of boven de weg (z)
Onderdeel van Beleidsregels reclame- en standplaatsenbeleid Inverdan 2012