**1.** Gedeputeerde Staten zijn bevoegd om te besluiten op aanvragen tot verlening van subsidies.
**2.** Gedeputeerde Staten geven, ingeval er geen beleidskader in de begroting is opgenomen en het een bedrag betreft van € 4.537,80 tot € 11.344,51, van hun voornemen om tot verlening van subsidie te besluiten kennis aan Provinciale Staten. Indien binnen drie weken na de toezending van deze kennisgeving aan Provinciale Staten niet blijkt dat een lid van Provinciale Staten te kennen heeft gegeven dat Provinciale Staten van hun gevoelens omtrent het voornemen willen doen blijken, besluiten Gedeputeerde Staten tot verlening van de subsidie.
**3.** Gedeputeerde Staten geven, ingeval de subsidie niet in de begroting van de provincie is vermeld en het bedrag meer bedraagt dan € 11.344,51, kennis aan Provinciale Staten van hun voornemen om tot verlening van subsidie te besluiten. Indien binnen drie weken na de toezending van deze kennisgeving aan Provinciale Staten niet blijkt dat een lid van Provinciale Staten te kennen heeft gegeven dat Provinciale Staten van hun gevoelens omtrent het voornemen willen doen blijken, besluiten Gedeputeerde Staten tot verlening van de subsidie.
**4.** In afwijking van het tweede en derde lid zijn Gedeputeerde Staten bevoegd om zonder meer subsidie te verlenen, indien het maximale bedrag en de subsiedieontvanger in de begroting van de provincie zijn vermeld. Tevens zijn Gedeputeerde Staten bevoegd zonder meer een subsidie te verlenen tot een bedrag van € 4.537,80 of minder.