Deze verordening verstaat onder:
1. markt: openbare koop en verkoop van roerende goederen, die op de daartoe aangewezen dag en plaats wordt gehouden;
2. staanplaats: een aan de belastingplichtige ter beschikking gestelde plaats op de markt;
3. vaste plaats: een staanplaats die per kalenderjaar of per seizoen ter beschikking wordt gesteld;
4. dagplaats: een staanplaats, niet zijnde een vaste plaats, geldig voor de duur van een dag;
5. seizoen: een deel van het jaar waarin een seizoensgebonden artikel wordt verkocht;
6. dag: een periode van 24 aaneengesloten uren, aanvangende te 00.00 uur.
Artikel 1
Begripsomschrijvingen
Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van marktgelden 2013