Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk › Paragraaf

Artikel 4.53

De werkwijze van één adviseur

Onderdeel van Omgevingsverordening provincie Groningen 2009

1. De adviseur hoort de aanvrager, de eventuele betrokken bestuursorganen en in voorkomend geval de belanghebbende, bedoeld in artikel 6.4a, tweede en derde lid, van de Wet ruimtelijke ordening over de aanvraag. 2. De adviseur bepaalt dag, tijd en plaats van de hoorzitting, en bepaalt tevens de wijze waarop deze zal plaatsvinden. 3. De adviseur draagt er zorg voor dat van de hoorzitting een verslag wordt gemaakt. Het verslag maakt deel uit van het definitieve rapport met bevindingen en advies. 4. Alvorens de adviseur zijn advies uitbrengt dient hij de aanvrager, en in voorkomend geval de belanghebbende als bedoeld in artikel 6.4a, tweede en derde lid, van de Wet ruimtelijke ordening, gedurende zes weken in de gelegenheid te stellen om schriftelijk te reageren op het ontwerpadvies. 5. Gedeputeerde Staten voegen een afschrift van het advies bij hun besluit op de aanvraag.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel