Naar hoofdinhoud

Artikel 5

Voorzitter

Onderdeel van Regeling oriënterende rondes Hardenberg

1.. De voorzitters en de plaatsvervangend voorzitters worden via het presidium voorgedragen. De twee grootste fracties leveren de voorzitters; de derde en vierde fractie, in grootte, leveren de plaatsvervangers. 2.. De voorzitter is geen deelnemer. Ook de plaatsvervangend voorzitter is, wanneer deze als voorzitter fungeert, geen deelnemer. 3.. De voorzitter is belast met: het leiden van de oriëntatieronde; het uitnodigen van aanwezigen aan tafel; gelegenheid geven voor het spreekrecht; het verlenen van het woord aan de deelnemers. Daarvoor hanteert de voorzitter, voor zover relevant, de volgende basisvolgorde: belanghebbenden/adviseur (kort betoog); college/ambtenaar /deskundige (kort betoog); fractiedeelnemers (vragen); belanghebbenden/adviseur (antwoord); college/ambtenaar/deskundige (antwoord); het toezien op de aard van de vragen, waarbij technische vragen zoveel als mogelijk moeten worden voorkomen. Deze kunnen (vooraf) aan de ambtelijke organisatie worden gesteld; het formuleren van nog openstaande vragen; het leiden van het opiniërende debat, de discussie met de portefeuillehouder; het vastleggen van de toezeggingen; het concluderen dat het onderwerp: is afgedaan; nogmaals wordt geagendeerd voor een volgende oriënterende ronde; kan worden geagendeerd als bespreekstuk of als hamerstuk voor de raad; niet op de agenda van de raad hoeft te worden geplaatst; wordt aangehouden; in handen wordt gesteld van het college. het handhaven van de orde. De voorzitter bewaakt de orde van de vergadering, maar ook de deelnemers aan het gesprek dragen hun verantwoordelijkheid; het doen naleven van deze regeling.

Rechtspraak bij dit artikel