Naar hoofdinhoud

Artikel 2.

Begripsomschrijving

Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van begraafrechten 2013

Deze verordening verstaat onder: a. begraven: het in een graf of grafkelder op de begraafplaats begraven of herbegraven van een lijk of het bijzetten van een asbus; b. opgraven: het uit een graf of grafkelder op de begraafplaats opgraven van een lijk of een asbus, anders dan wegens ruiming; c. asbus: een bus ter berging van as van een overledene; d. grafrecht: het uitsluitend recht om in een bepaald graf op de begraafplaats te doen begraven; e. grafbedekking: behalve bloemen, kransen en dergelijke, elk op een graf op de begraafplaats aangebracht voorwerp en/of elke daarop aangebrachte beplanting, alsmede elk voorwerp, dat en/of elke plant of struik, welke bestemd is om op het graf op de begraafplaats te worden aangebracht; f. rechthebbende: ieder, die een grafrecht heeft; g. foetus: menselijke vrucht met een draagtijd van minder dan 24 weken; h. grafgroen: dennentakken of ander groen, waarmee de rand van het graf tijdens een teraardebestelling is afgedekt.

Rechtspraak bij dit artikel