**1..** 1.Een persoon als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder g. onderdeel 4, 5 en 6 van de wet kan voor de in artikel 9 onder a. vermelde voorziening in aanmerking worden gebracht indien:
beperkingen; of
problemen bij het uitvoeren van de mantelzorg;
het zelf uitvoeren van een of meer huishoudelijke taken onmogelijk maken en de algemene hulp bij het huishouden dit snel en adequaat kan oplossen.
**2..** Een persoon als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder g, onderdeel 4, 5 en 6 van de wet kan voor de in artikel 9 onder b. en c. vermelde voorzieningen in aanmerking worden gebracht indien:
de in het eerste lid genoemde voorziening een onvoldoende oplossing biedt; of
niet beschikbaar is.
Hoofdstuk 2
Artikel 10
Primaat van de algemene hulp bij het huishouden
Onderdeel van Verordening voorzieningen maatschappelijke ondersteuning gemeente Oostzaan 2013