Het college neemt in het register de peuterspeelzalen op die op het tijdstip van inwerkingtreding van deze verordening over een vergunning op grond van de Verordening kinderopvang 1990 beschikken.
Een houder van een peuterspeelzaal als bedoeld in het eerste lid verstrekt desgevraagd aan het college alle gegevens die nodig zijn voor het register.
Beroepskrachten die op het tijdstip van inwerkingtreding van deze verordening werkzaam zijn bij een peuterspeelzaal, leggen aan de houder binnen vier maanden na de inwerkingtreding een verklaring omtrent het gedrag over.
Hoofdstuk
Artikel 21.
Overgangsbepaling
Onderdeel van Verordening kwaliteitsregels peuterspeelzalen Aalsmeer