Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 6 › Paragraaf 3

Artikel 20

Regels rond verstrekking en verantwoording

Onderdeel van Verordening voorzieningen Wet maatschappelijke ondersteuning Gemeente Meppel 2012

1. Verstrekking van een toegekende individuele voorziening in de vorm van een persoonsgebonden budget vindt plaats op verzoek van de aanvrager. 2. Verstrekking als persoonsgebonden budget vindt niet plaats indien op grond van aanwijzingen die tijdens het onderzoek duidelijk zijn geworden het ernstige vermoeden bestaat dat de aanvrager problemen zal hebben bij het omgaan met een persoonsgebonden budget. 3. Woonvoorzieningen die uitsluitend in natura kunnen worden verstrekt zijn: een herplaatsbare losse woonunit, mobiele tilliften, douchebrancards, toiletstoelen en trapliften. 4. Een financiële tegemoetkoming voor een sportrolstoel wordt uitsluitend verstrekt als persoonsgebonden budet. Het bedrag van dit persoonsgebonden budget bedraagt maximaal € 3.296,00 welk bedrag bedoeld is als tegemoetkoming in aanschaf en onderhoud van een sportrolstoel voor een periode van drie jaar. 5. De verantwoording van het persoonsgebonden budget door de budgethouder aan het college vindt plaats na aanschaf dan wel na afloop van elk kalenderjaar. 6. Een voorziening die is aangeschaft met een persoonsgebonden budget kan, zodra deze voorziening niet meer gebruikt wordt, onder verrekening van eventueel ingebrachte eigen middelen, door het college worden ingenomen en voor herverstrekking beschikbaar worden gesteld.

Rechtspraak bij dit artikel