De afstand tussen een veehouderij en een geurgevoelig object dat op of na 19 maart 2000 heeft opgehouden deel uit te maken van een andere veehouderij bedraagt:
ten minste 50 meter indien het geurgevoelig object binnen de bebouwde kom is gelegen, en
ten minste 25 meter indien het geurgevoelig object buiten de bebouwde kom is gelegen.
Artikel 3.
Afwijkende afstanden voormalige agrarische bedrijfswoningen
Onderdeel van Verordening geurhinder en veehouderij gemeente Bodegraven-Reeuwijk 2013