Alle begrippen die in deze verordening worden gebruikt en die niet nader worden omschreven hebben dezelfde betekenis als in de Wet investeren in jongeren en de Algemene wet bestuursrecht.
Deze verordening verstaat onder:
de wet: Wet investeren in jongeren zoals die in het staatsblad (jaargang 2009 nummer 282) is gepubliceerd en zoals deze nadien is, of wordt gewijzigd;
het college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Groesbeek;
de raad: de gemeenteraad van de gemeente Groesbeek;
de jongere: de persoon als bedoeld in artikel 2 van de wet;
gehuwdennorm: de norm bedoeld in artikel 28, eerste lid onderdeel d, van de wet.
medebewoner: de alleenstaande of de alleenstaande ouder in wiens woning ook
een ander zijn hoofdverblijf heeft;
woningloze: de jongere die enkel een briefadres heeft, zoals omschreven in artikel 1 van de wet Gemeentelijke basisadministratie;
zorgbehoeftige: degene die is aangewezen op verzorging ter voorkoming van opname in een verpleeg-of verzorgingstehuis;
woning: woonruimte met een eigen toegang, die door de jongere kan worden bewoond zonder dat de jongere daarbij afhankelijk is van wezenlijke voorzieningen buiten die woonruimte;
woonkosten:
Indien een huurwoning wordt bewoond, de per maand geldende huurprijs, bedoeld in artikel 1, onderdeel d, van Wet op de huurtoeslag;
Indien een kamer of etage wordt bewoond, het maandelijks te betalen huurbedrag;
Indien een eigen woning wordt bewoond, de tot een bedrag per maand omgerekende som van de verschuldigde hypotheekrente en de in verband met het in eigendom hebben de woning te betalen zakelijke lasten en een naar omstandigheden vast te stellen bedrag voor onderhoud.
PARAGRAAF 1
Artikel 1
Begripsomschrijving
Onderdeel van Toeslagenverordening Wet investeren in jongeren gemeenteGroesbeek 2009