Zodra dit aannemelijk is, deelt de subsidieontvanger direct mede aan het college dat:
de activiteiten waarvoor subsidie is verleend niet of niet geheel zullen worden verricht;
niet of niet geheel aan de aan de beschikking tot subsidieverlening verbonden verplichtingen zal worden voldaan;
aanmerkelijke verschillen ontstaan of dreigen te ontstaan tussen de werkelijke uitgaven en inkomsten en de begrote uitgaven en inkomsten onder vermelding van de oorzaak van de verschillen. Deze bepaling is alleen van toepassing op subsidies van meer dan € 5.000,-.