Naar hoofdinhoud
Aan boord van pleziervaartuigen mogen zich niet meer dan twee gasflessen (butaan of propaan) bevinden. Deze gasflessen dienen te zijn aangesloten door middel van deugdelijke slangen en slangklemmen. Elke gasfles dient deugdelijk te zijn geplaatst, in een ruimte die voldoende geventileerd is, zo mogelijk buiten het woonverblijf en buiten de motorruimte van het vaartuig. Zowel de gasfles(sen) als de daarbij gebruikte slangen dienen goed te werken en jaarlijks door een erkend keuringsbedrijf te worden gekeurd. Het is verplicht om eventueel aanwezige motorbrandstof of andere (licht) ontvlambare of ontplofbare stoffen aan boord van vaartuigen in goed gesloten bussen of tanks te houden. Het houden van LPG in gasflessen of tanks is niet toegestaan. (licht) ontvlambare of ontplofbare stoffen zoals in dit artikel genoemd mogen niet buiten het vaartuig gebruikt, geplaatst of bewaard worden anders dan het gebruik van een gasfles in het kader van een barbecueactiviteit zoals verwoord in artikel 17.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel