**1.** De aanslagen, zoals bedoeld in artikel 6, eerste lid, moeten betaald
worden in drie gelijke termijnen waarvan de eerste vervalt op de laatste
dag van de maand volgend op de maand die in de dagtekening van het
aanslagbiljet is vermeld en elk van de volgende termijnen telkens een
maand later.
**2.** De aanslagen, zoals bedoeld in artikel 6, tweede lid, moeten betaald
worden binnen 30 dagen na dagtekening van de aanslag.
**3.** In afwijking van het bepaalde in het eerste lid geldt dat, ingeval
machtiging is verleend tot automatische incasso, de aanslagen moeten
worden betaald in 10 gelijke termijnen waarvan de eerste vervalt op de
laatste dag van de maand volgend op de maand die in de dagtekening van
het aanslagbiljet is vermeld en elk van de volgende termijnen telkens
een maand later, dit met in achtneming van het bepaalde in artikel 11
lid 3 van de Regeling Automatische Incasso Gemeentelijk
Belastingen.
**4.** In geval van automatische incasso wordt een gehele of gedeeltelijke
vermindering van aanslagen verrekend met de nog openstaande
betaaltermijnen, te beginnen met de laatste termijn.
**5.** De in het tweede lid bedoelde machtiging tot automatische incasso wordt
geacht niet te zijn verleend indien drie van de van toepassing zijnde
termijnen, niet zijn betaald doordat automatische incasso van de
betaalrekening van de belastingschuldige niet mogelijk blijkt dan wel
binnen één maand na afschrijving zijn gestorneerd. In dat geval gelden
de betaaltermijnen als bedoeld in het eerste lid.
**6.** In geval dat de rechten worden geheven bij wege van een aanslag zoals
bedoeld in artikel 6, tweede lid, moeten de reinigingsrechten worden
betaald binnen 30 dagen na de dagtekening van de aanslag.
**7.** De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in de voorgaande
leden gestelde termijnen
Artikel 9
Termijnen van betaling
Onderdeel van 2013-36 Verordening op de heffing en invordering van reinigingsrechten 2014