**1..** In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990
moeten de aanslagen als volgt worden betaald:
in twee gelijke termijnen, waarvan de eerste vervalt op de
laatste dag van de maand volgend op de maand die in de
dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en de tweede één
maand later. In afwijking van het voorgaande geldt voor
aanslagen waarvan het totaalbedrag van de op één aanslagbiljet
verenigde aanslagen, of als het aanslagbiljet maar één aanslag
bevat het bedrag daarvan meer bedraagt dan € 1.999,99, dat de
aanslagen moeten worden betaald uiterlijk op de laatste dag van
de maand volgend op de maand die in de dagtekening van het
aanslagbiljet is vermeld;
in afwijking in zoverre van a. geldt, in geval het totaalbedrag
van de op één aanslagbiljet verenigde aanslagen, of als het
aanslagbiljet maar één aanslag bevat het bedrag daarvan meer is
dan € 1,--, doch minder dan € 2.000,--, en zolang de
verschuldigde bedragen door middel van automatisch
betalingsincasso kunnen worden afgeschreven, dat de aanslagen
moeten worden betaald in tien gelijke termijnen. De eerste
termijn vervalt één maand na de dagtekening van het
aanslagbiljet en elke van de volgende termijnen telkens een
maand later;
in afwijking van het a. en b. moeten de aanslagen die worden
gedagtekend in enig jaar gelegen na het kalenderjaar waarop de
aanslag betrekking heeft, worden betaald uiterlijk op de laatste
dag van de maand volgend op de maand die in de dagtekening van
het aanslagbiljet is vermeld.
**2..** De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste lid
gestelde termijnen.
Artikel 9
Termijnen van betaling
Onderdeel van Verordening op de heffing en invordering van hondenbelasting 2013