**1..** Het dagelijks bestuur weigert een voorziening in het kader van deze verordening in ieder geval indien:
het gezinsinkomen van de personen die behoren tot de doelgroep hoger of gelijk is aan 150% van het wettelijk minimumloon;
een persoon met een uitkering ingevolge de Algemene nabestaandenwet of een niet- uitkeringsgerechtigde een eerdere voorziening verwijtbaar heeft onderbroken.
**2..** Het dagelijks bestuur kan een voorziening beëindigen:
indien de persoon die aan de voorziening deelneemt zijn verplichting als bedoeld in de artikelen 9, 17 en 55 WWB, 13 en 37 IOAW, 13 en 37 IOAZ niet nakomt;
indien de persoon die deelneemt niet meer behoort tot de doelgroep van deze verordening;
indien de persoon algemeen geaccepteerde arbeid aanvaardt, waarbij geen gebruik wordt gemaakt van deze voorziening;
indien naar het oordeel van het dagelijks bestuur de voorziening onvoldoende bijdraagt aan een snelle arbeidsinschakeling;
indien de persoon niet naar behoren gebruik maakt van de aangeboden voorziening.
Hoofdstuk 2 › Paragraaf 1.
Artikel 2.
Weigeren en beëindigen van voorzieningen
Onderdeel van Re-integratieverordening WWB, IOAW en IOAZ ISDBOL 2012