**1..** Onverminderd artikel 4, eerste lid, legt het college, met in achtneming van artikel 20, vierde lid IOAZ, blijvend een maatregel op indien de belanghebbende door eigen toedoen een inkomen uit of in verband met arbeid is verloren en:
aan de beëindiging van zijn dienstbetrekking een dringende reden ten grondslag
ligt in de zin van artikel 678 van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek; dan wel
de dienstbetrekking is beëindigd door of op verzoek van de belanghebbende
zonder dat aan de voortzetting ervan zodanige bezwaren waren verbonden, dat
deze voortzetting redelijkerwijs niet van hem zou kunnen worden gevergd.
**2..** De hoogte van de maatregel is gelijk aan het door dit gedrag verloren inkomen.
Artikel 10
- Door eigen toedoen verliezen van algemeen geaccepteerde arbeid
Onderdeel van afstemmingsverordening Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandige ISDBOL 2012