Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3.

Artikel 8.

Over te leggen stukken

Onderdeel van Beheersverordening begraafplaatsen

1.. Tot begraving wordt niet overgegaan dan nadat het verlof tot begraven is overgelegd aan de beheerder. 2.. Als de begraving of de bezorging van as in een particulier graf zal plaatsvinden, moet een machtiging aan de sector Maatschappelijke Ontwikkeling, afdeling Burgerzaken in het gemeentehuis worden overgelegd ondertekend door de rechthebbende of, als deze is overleden, door degene die in de uitvaart voorziet. 3.. Begraving of bijzetting in een particulier graf waarvan de uitgiftetermijn binnen de wettelijke minimum grafrusttermijn afloopt, kan alleen plaatsvinden onder gelijktijdige verlenging van de uitgiftetermijn met een zodanige periode dat de alsdan resterende uitgiftetermijn ten minste gelijk is aan de wettelijke minimum grafrusttermijn. De verlenging moet worden aangevraagd door de rechthebbende. 4.. De in het vorige lid bedoelde periode van verlenging wordt naar boven toe afgerond op gehele jaren. 5.. De sector Maatschappelijke Ontwikkeling, afdeling Burgerzaken in het gemeentehuis onderzoekt of de overgelegde stukken toereikend zijn.

Rechtspraak bij dit artikel