**1..** Tot grondslag van het financiële beheer van de GGD strekt een jaarlijkse begroting van inkomsten en uitgaven, die telkens uiterlijk 1 juli van het jaar, voorafgaande aan het kalenderjaar waar zij voor geldt, door het algemeen bestuur wordt vastgesteld en zo nodig in de loop van dat jaar kan worden gewijzigd;
**2..** Naast de ontwerp-begroting draagt het dagelijks bestuur voor de aansluitende periode van vier jaar een ontwerp-meerjarenraming ter vaststelling voor bij het algemeen bestuur;
**3..** Het dagelijks bestuur zendt de ontwerpbegroting alsmede ontwerp-begrotingswijzigingen, minimaal zes weken voordat deze aan het algemeen bestuur wordt aangeboden, toe aan de raden van de gemeenten. De raden van de gemeenten worden gedurende een periode van zes weken in de gelegenheid gesteld hun gevoelen te doen blijken betreffende de ontwerp-begroting, dan wel ontwerp-begrotingwijziging;
**4..** De begroting, alsmede de besluiten tot wijziging daarvan worden binnen veertien dagen na vaststelling door het algemeen bestuur aan Gedeputeerde Staten gezonden, ter beoordeling, en ter kennisname aan de raden van de gemeenten;
**5..** Het dagelijks bestuur deelt de beslissing van Gedeputeerde Staten aangaande de beoordeling van de begroting alsmede de besluiten tot wijziging daarvan binnen één maand mede aan het algemeen bestuur en de raden van de gemeenten;
**6..** Het dagelijks bestuur draagt onderwerpen tot vaststelling of wijziging van een begroting tijdig ter behandeling voor;
**7..** Bij vermoeden of aanwijzingen van mis- en/of oneigenlijk gebruik van financiële middelen door de directeur is de controller van de GGD bevoegd hieromtrent rechtstreeks in contact te treden met het dagelijks bestuur.
HOOFDSTUK 5
Artikel 19
Begroting
Onderdeel van 2e gewijzigde gemeenschappelijke regeling GGD Zuid-Holland West