Het bevoegd gezag kan aan de vergunning de volgende voorschriften verbinden:
het voorschrift dat binnen een bepaalde termijn en onder nader door het bevoegd gezag te stellen voorschriften moet worden herplant;
het voorschrift dat de vergunning pas van kracht wordt met ingang van de dag na die waarop de termijn voor het indienen van een bezwaarschrift, bedoeld in artikel 6:7 van de Algemene wet bestuursrecht, is verstreken en dat indien gedurende de bezwaartermijn een verzoek om een voorlopige voorziening is gedaan, de vergunning niet van kracht wordt voordat op dat verzoek is beslist;
het voorschrift dat de kapvergunning vervalt, indien daarvan niet binnen één jaar na dagtekening van de vergunning gebruik is gemaakt.
Hoofdstuk 4. › Afdeling 3.
Artikel 4:11b
Bijzondere vergunningsvoorschriften
Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening Ede