Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1

Artikel 3.

Omvang van de kinderopvang in relatie tot de tegemoetkoming

Onderdeel van Verordening Wet kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen ISDBOL 2012

1.. Een tegemoetkoming wordt slechts verleend aan de ouder zoals bedoeld in artikel 2 voor het aantal af te nemen uren kinderopvang dat naar het oordeel van het dagelijks bestuur als noodzakelijk kan worden aangemerkt in verband met de combinatie van de zorg voor het kind met: deelname aan een voorziening gericht op arbeidsinschakeling; deelname aan een voorziening op grond van de Wet Inburgering; deelname aan onderwijs bij een school of instelling als bedoeld in paragraaf 2.2 of 2.4 van de Wet tegemoetkoming onderwijsbijdragen en schoolkosten dan wel als bedoeld in de artikelen 2.8 tot en met 2.11 van de Wet studiefinanciering 2000; of het verrichten van betaalde werkzaamheden. 2.. Voor het bepalen van het noodzakelijke aantal uren kinderopvang zijn de regels die op grond van artikel 1.7 van de wet gelden met betrekking tot het maximale uren voor de bepaling van de hoogte van de kinderopvangtoeslag, van overeenkomstige toepassing voor de bepaling van de hoogte van de tegemoetkoming op basis van deze verordening.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel