**a..** ‘dag’: de periode van 00.00 uur tot 24.00 uur, waarbij een gedeelte van een dagals een hele dag wordt aangemerkt;
**b..** ‘maand’: een kalendermaand;
**c..** ‘kwartaal’: een kalenderkwartaal;
**d..** ‘markt’: de door het college ingestelde warenmarkt;
**e..** ‘standplaats’: de ruimte die voor de duur van de markt is aangewezen voor het uitoefenen van de markthandel.
Artikel 1
Begripsomschrijvingen
Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van marktgelden 2013