Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder:
a.
Parkeren:
het gedurende een aaneengesloten periode doen of laten staan van een motorvoertuig, anders dan gedurende de tijd die nodig is voor en gebruikt wordt tot het onmiddellijk in- of uitstappen van personen dan wel het onmiddellijk laden of lossen van zaken, op binnen de gemeente gelegen voor het openbaar verkeer openstaande terreinen of weggedeelten, waarop dit doen of laten staan niet ingevolge een wettelijk voorschrift is verboden;
b.
motorvoertuigen:
hetgeen daaronder wordt verstaan in het RVV 1990 met inbegrip van brommobielen, zoals bedoeld in artikel 1 onder ia van het RVV 1990;
c.
houder:
degene op wiens naam het voor het motorrijtuig opgegeven kenteken ten tijde van het parkeren was ingeschreven in het krachtens de Wegenverkeerswet 1994 aangehouden register van opgegeven kentekens;
d.
parkeerapparatuur:
parkeermeters, parkeerautomaten, met inbegrip van verzamelparkeermeters en hetgeen naar maatschappelijke opvatting overigens onder parkeerapparatuur wordt verstaan;
e.
Zone 01:
het gebied Vaart NZ (het gedeelte tussen de Kolk en het Kanaal), Kanaal (het gedeelte tussen Weiersstraat en Vaart NZ), Alteveerstraat, Burgemeester Agterstraat en Weiersstraat (westzijde tussen Alteveerstraat en het Kanaal);
f.
Zone 02:
het gebied Vaart ZZ (tussen Gymnasiumstraat en Emmastraat), Gymnasiumstraat, Emmastraat, Prinses Irenestraat, Nassaulaan, Hertenkamp, Van der Feltzpark en Beilerstraat (tussen Kerkplein en Hertenkamp);
g.
Zone 03:
het gebied: Zuidhaege, Oosterhoutstraat, Wilhelminastraat, Prinses Beatrixstraat, Prinses Beatrixhof, Prins Clausplantsoen, Esstraat, Parkstraat, Parkplein, Burgemeester Gratamastraat, Bosstraat, Burgemeester Jollesstraat, Beilerstraat (tussen Port Natalweg en Van der Feltzpark) Plataanweg, Vogelkerslaan, Meidoornlaan, Kastanjelaan, Iepenlaan, Gouverneur Hofstedelaan en Port Natalweg.
Artikel 1
BEGRIPSOMSCHRIJVINGEN
Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van parkeerbelastingen 2009