Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 3

Artikel 10

Toewijzing staanplaatsen

Onderdeel van HERZIENE VOORWAARDEN VOOR DE INGEBRUIKNAME VAN STANDPLAATSEN OP KERMISTERREINEN

1.. Binnen maximaal 21 dagen na de uiterste inschrijfdatum beslissen burgemeester en wethouders omtrent de gunning van de standplaatsen. Zij hebben daarbij de bevoegdheid om uit de inschrijvingen een keuze te doen, om standplaatsen al dan niet aan de hoogste inschrijvers te gunnen en bij niet voldoende bezetting van het kermisterrein dan wel bij onvoldoende attractiviteit of diversiteit van inrichtingen op een bepaald terrein, onderhands standplaatsen toe te wijzen voor alle inrichtingen die zij wensen toe te laten. 2.. Burgemeester en wethouders hebben de bevoegdheid, om ter verzekering van voldoende bezettingsgraad, meerjarige onderhandse contracten uit te geven. 3.. Burgemeester en wethouders behouden zich het recht voor aan verschillende inschrijvers standplaatsen voor een zelfde soort inrichting te gunnen, behoudens hun verplichtingen in geval van gunning van een standplaats met concurrentiebeding. 4.. Bij gelijke omstandigheden zal door het lot worden beslist aan wie de standplaats wordt gegund. 5.. Aan elke inschrijver zal binnen 21 dagen na de uiterste inschrijvingsdatum als bedoeld in artikel 8, bericht worden gezonden of de standplaats(- en), waarvoor hij heeft ingeschreven, hem al dan niet is (zijn) gegund. 6.. Indien de exploitant te kennen geeft dit te wensen, zullen burgemeester en wethouders hun beslissing omtrent het wel of niet gunnen van een standplaats aan de exploitant nader motiveren.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel