2.1. Strekking voorlopige aanslag
Doordat de grootte van de belastingschuld door de variabele tarieven in de afvalstoffenheffing pas na afloop van het tijdvak kan worden vastgesteld, kan de definitieve aanslag ingevolge het systeem van de artikelen 11 tot en met 15 AWR pas na afloop van het tijdvak worden opgelegd. Om te voorkomen dat liquiditeitsproblemen ontstaan doordat de belasting pas na afloop van het tijdvak geheven en ingevorderd kan worden, terwijl al wel inzamelingskosten gemaakt worden, kan worden gewerkt met voorlopige aanslagen. Het college dient hiertoe regels te stellen in welke gevallen een voorlopige aanslag kan worden opgelegd en hoe de hoogte ervan moet worden bepaald. De artikelen 13 tot en met 15 van de AWR bepalen namelijk dat de heffingsambtenaar volgens bij collegebesluit te stellen regels een voorlopige aanslag kan opleggen tot ten hoogste het bedrag waarop de definitieve aanslag vermoedelijk zal worden vastgesteld.
2.2. Hoogte voorlopige aanslag
De bepaling van het bedrag waarop een voorlopige aanslag wordt vastgesteld, geschiedt op grond op grond van het gemiddeld aantal aanbiedingen per volume-eenheid dat voortvloeit uit ervaringscijfers van de afvalinzameldienst. Omdat gewijzigde regelgeving (zoals de invoering van een nieuw tariefsysteem) enerzijds en omstandigheden (zoals het veranderen van containervolume) anderzijds invloed kunnen hebben op de verschuldigde belasting, kan afgeweken worden van het gemiddelde aantal aanbiedingen per volume-eenheid, opdat de voorlopige aanslag een zo goed mogelijke afspiegeling vormt van het bedrag waarop de definitieve aanslag vermoedelijk zal worden vastgesteld.
Voor de 140 liter container is het aantal aanbiedingen bepaald op 16 aanbiedingen voor de voorlopige aanslag. Voor de 240 liter container is het aantal aanbiedingen bepaald op 13 aanbiedingen. En voor de 60 liter aanbiedingen bij een ondergrondse container is deze bepaald op 38 aanbiedingen.
Het is mogelijk om bezwaar te maken tegen voorlopige aanslagen. Indien de belastingplichtige middels een bezwaarschrift of verzoek aannemelijk maakt dat de definitieve aanslag lager zal worden vastgesteld dan de opgelegde voorlopige aanslag, wordt de voorlopige aanslag verlaagd tot het bedrag waarop de definitieve aanslag vermoedelijk zal worden vastgesteld.
Een voorlopige aanslag moet altijd worden gevolgd door een definitieve aanslag. Met een voorlopige aanslag is namelijk slechts beoogd om de formele grondslag te scheppen voor vooruitbetalingen op een nog op te leggen definitieve aanslag. De Hoge Raad heeft in zijn arrest van 16 oktober 1991, nr. 26416, BNB 1991/339, uitgemaakt dat voorlopige aanslagen dienen te worden vernietigd en de daarop betaalde bedragen dienen te worden teruggegeven, wanneer de definitieve aanslag nietbinnen de aanslagtermijn ex artikel 11, derde en vierde lid, AWR wordt opgelegd. De definitieve aanslag moet worden vastgesteld binnen 3 jaar na het tijdstip waarop de belastingschuld ontstaan is. Indien de belastingschuld in de loop van het belastingtijdvak aangroeit, ontstaat de belastingschuld op het tijdstip waarop dat tijdvak eindigt. De belastingschuld over het jaar 2013 zou dan op 31 december 2013 om middernacht ontstaan. De definitieve aanslag over 2013 kan dan uiterlijk op 31 december 2016 opgelegd worden.
2.3. Verenigen van aanslagen
Ingevolge artikel 239 van de Gemeentewet kunnen belastingaanslagen op één aanslagbiljet worden verenigd, zelfs indien de aanslagen betrekking hebben op verschillende belastingen. Wel geldt als voorwaarde voor de vereniging van belastingaanslagen dat deze belastingaanslagen bestemd zijn voor eenzelfde belastingplichtige van dezelfde soort zijn. Het vereiste dat de belastingaanslagen van dezelfde soort moeten zijn, betekent dat definitieve aanslagen alleen op één A4-tje kunnen worden verenigd met andere definitieve aanslagen. Voorlopige aanslagen kunnen alleen verenigd worden met voorlopige aanslagen. Omdat de afvalstoffenheffing de enige gemeentelijke belasting is die geheven wordt bij voorlopige aanslag, dient zij geheven te worden bij afzonderlijke geschrift. Wel is het mogelijk om de geschriften bij één envelop aan de belastingplichtige te versturen. De eis dat belastingaanslagen betrekking moeten hebben op hetzelfde belastingtijdvak, is vervallen
3. Bekendmaking en inwerkingtreding
Een besluit treedt blijkens 3:40 awb pas in werking nadat het bekendgemaakt is. Dit besluit moet worden bekendgemaakt overeenkomstig artikel 3:42 Awb.