Doelgroepkinderen: Kinderen die geïndiceerd zijn door het Centrum voor Jeugd en Gezin en in aanmerking komen voor VVE in verband met:
Laag opleidingsniveau van de ouders/opvoeders (volgens gewichtenregeling basisonderwijs);
Het niet spreken van de Nederlandse taal thuis;
Sociaal-emotionele indicatoren;
Maatschappelijke indicatoren.
Gewichtenregeling: De gewichtenregeling op basis waarvan de Rijksoverheid de middelen voor de uitvoering van onderwijsachterstandenbeleid verdeelt over de scholen, waarbij het aantal gewichtenleerlingen bepalend is.
De gewichtenregeling kent 2 gewichten: 0,3 en 1,2. De gewichten zijn gekoppeld aan opleidingscategorieën van de ouders.
Categorie 1: maximaal genoten onderwijs is basisonderwijs of (v)so-zmlk;
Categorie 2: maximaal genoten onderwijs is lbo/vbo, praktijkonderwijs of vmbo basis- of kaderberoepsgerichte leerweg;
Gewichten per leerling worden toegekend op basis van de opleiding van de ouders: het gewicht 0,3 wordt toegekend aan leerlingen van wie de ouders een opleidingsniveau hebben zoals beschreven bij categorie 2 of van wie de ouder die belast is met de dagelijkse verzorging maximaal een opleidingsniveau heeft volgens categorie 2.
Het gewicht 1,2 wordt toegekend aan leerlingen van wie minimaal 1 van de ouders een opleidingsniveau heeft zoals beschreven onder categorie 1.
Houder: De houder van een regulier kinderdagverblijf of peuterspeelzaalwerk opgenomen in het Landelijk Register Kinderopvang en Peuterspeelzalen.
Kinderdagverblijf Een dagverblijf waar kinderen van 0 tot 4 jaar worden opgevangen.
Peuterspeelzaal Een locatie waar speelgelegenheid wordt geboden aan kinderen van 2 tot 4 jaar gedurende een of meer dagdelen per week en gedurende ongeveer 40 weken per jaar met als doel om hun ontwikkeling te bevorderen en samen te spelen.
Nota OAB: Elk kind telt. Nota Onderwijsachterstandenbeleid 2012 – 2016 gemeente De Bilt.
VVE Voor- en vroegschoolse educatie: de uitvoering van centrumgerichte programma’s uitgevoerd in pedagogische basisvoorzieningen: peuterspeelzalen, kinderdagverblijven en onderbouw van het basisonderwijs. Ze zijn gericht op het voorkomen van achterstanden in de sociaal-emotionele en cognitieve ontwikkeling van risicokinderen van 2 tot 6 jaar oud. Voorschoolse educatie is gericht op 2 tot 4 jarigen en vroegschoolse educatie op 4 tot 6 jarigen.
VVE programma: Door het ministerie goedgekeurde programma’s die kinderen spelenderwijs stimuleren in hun ontwikkeling, die
gericht zijn op meerdere ontwikkelingsgebieden (integrale programma’s) waaronder in elk geval de taalbeheersing van het kind;
zijn opgenomen in de databank Effectieve Jeugdinterventies van het Nederlands Jeugd Instituut.
Artikel 1
Begripsomschrijvingen
Onderdeel van Beleidsregels subsidie Voor- en Vroegschoolse Educatie