Naar hoofdinhoud

Artikel 3

Hoogte van de langdurigheidstoeslag

Onderdeel van Verordening langdurigheidstoeslag gemeente Gennep

1. a. Indien het inkomen gedurende de referteperiode maximaal 100% van de van toepassing zijnde bijstandsnorm bedraagt, wordt de hoogte van de langdurigheidstoeslag per jaar vastgesteld op: 1. voor gehuwden € 500,00, 2. voor een alleenstaande ouder € 450,00, 3. voor een alleenstaande € 350,00.b. Indien het inkomen gedurende de referteperiode meer dan 100% doch maximaal 105% van de van toepassing zijnde bijstandsnorm bedraagt, wordt de hoogte van de langdurigheidstoeslag per jaar vastgesteld op: 1. voor gehuwden € 250,00, 2. voor een alleenstaande ouder € 225,00, 3. voor een alleenstaande € 175,00. 2. Voor de toepassing van het eerste lid is de situatie op de peildatum bepalend. 3. Indien één van de gezinsleden op de peildatum is uitgesloten van het recht op langdurigheidstoeslag ingevolge de artikelen 11 of 13, eerste lid van de wet, waardoor slechts één van de gezinsleden recht op langdurigheidstoeslag heeft, komt dit gezinslid in aanmerking voor een langdurigheidstoeslag naar de hoogte die voor hem als alleenstaande of alleenstaande ouder zou gelden. 4. Het bedrag van de langdurigheidstoeslag, genoemd in artikel 3 lid 1 wordt elk jaar per 1 januari geïndexeerd op basis van de "consumentenindex alle huishoudens van het Centraal Bureau voor de Statistiek", voor het eerst per 1-1-2010.

Rechtspraak bij dit artikel