3.1 Algemeen
3.1.1. In sommige gevallen brengen de wettelijke regels met zich dat meer personen belastingplichtig kunnen zijn voor één belastingobject (onroerende of roerende zaak, roerende woon- of bedrijfsruimte, perceel, hond). In de gevallen waarin dat voorkomt mag de gemeente de aanslag ten name van één van de belastingplichtigen stellen. In deze gevallen hanteert de gemeente Waalwijk een voorkeursvolgorde bij de aanwijzing van de belastingplichtige die de aanslag op zijn of haar naam krijgt. Deze voorkeursvolgorde is gebaseerd op veronderstelde betaalcapaciteit en doelmatige c.q. doeltreffende heffing en invordering en wordt toegepast voor zover de gegevens voorhanden of te achterhalen zijn. De in de voorkeursvolgorde neergelegde criteria bevatten geen limitatieve opsomming. Zij moeten worden beschouwd als richtlijnen voor de meest voorkomende gevallen.
3.2. Voorkeursvolgorde eigenaarsheffingen
3.2.1. Met betrekking tot de gemeentelijke belastingen die worden geheven van genothebbenden krachtens eigendom, bezit of beperkt recht wordt, indien er met betrekking tot één roerende of onroerende zaak verschillende categorieën genothebbenden zijn, de aanslag in onderstaande volgorde gesteld ten name van:
3.2.1.1 de beperkt gerechtigde, waarbij de volgende voorkeursvolgorde geldt:
3.2.1.1.1. de vruchtgebruiker c.q. gerechtigde krachtens recht van gebruik en bewoning;
3.2.1.1.2. de opstaller, met uitzondering van degene die een afhankelijk opstalrecht, dan wel een opstalrecht ten behoeve van de aanleg en het onderhoud van onder- of bovengrondse leidingen heeft;
3.2.1.1.3. de erfpachter;
3.2.1.2. de eigenaar of de appartementsgerechtigde;
3.2.1.3. degene die op andere wijze als genothebbende naar voren komt, daaronderbegrepen de bezitter.
3.2.2.Met betrekking tot de gemeentelijke belastingen die worden geheven van genothebbenden krachtens eigendom, bezit of beperkt recht wordt de aanslag in onderstaande volgorde gesteld ten name van:
3.2.2.1. indien er binnen één categorie genothebbenden personen zijn:
3.2.2.1.1. degene die in de kadastrale registratie is vermeld;
3.2.2.1.2. degene die in de gemeente woont of is gevestigd;
3.2.2.1.3. degene die het grootste aandeel in het genotsrecht heeft;
3.2.2.1.4. een natuurlijk persoon boven een niet-natuurlijk persoon;
3.2.2.1.5. bij gelijke aandelen de oudste in leeftijd;
3.2.2.1.6. de eerstgerechtigde in de volgorde die door het kadaster wordt
aangehouden;
3.3. Voorkeursvolgorde gebruikersheffingen
3.3.1. Met betrekking tot de onroerende-zaakbelastingen die worden geheven vangebruikers van niet-woningen, wordt de aanslag in onderstaande volgorde gesteld ten name van:
3.3.1.1. degene die als eigenaar wordt aangemerkt;
3.3.1.2. degene die een nutsvoorziening van het belastingobject op naam heeft;
3.3.1.3. degene die bij de cluster belastingen reeds als belastingplichtige in de administratievoorkomt;
3.3.1.4. degene die op andere wijze als gebruiker naar voren komt.
3.3.2.Met betrekking tot de rioolheffing van gebruikers, de afvalstoffenheffing en deforensenbelasting wordt de aanslag in onderstaande volgorde gesteld ten name van:
3.3.2.1. degene die als eigenaar wordt aangemerkt;
3.3.2.2. degene die is ingeschreven in de gemeentelijke basisadministratiepersoonsgegevens:
3.3.2.2.1. degene die het langst is ingeschreven in de gemeentelijkebasisadministratie persoonsgegevens;
3.3.2.2.2. de oudste, in het geval van gelijktijdige inschrijving in de gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens;
3.3.2.3. degene die een nutsvoorziening van het belastingobject op naam heeft;
3.3.2.4. degene die bij de cluster belastingen reeds als belastingplichtige in de administratie voorkomt;
3.3.2.5. degene die de huur van het object betaalt aan een elders wonende verhuurder;
3.3.2.6. degene die op andere wijze als gebruiker naar voren komt.
3.3.3.Met betrekking tot de hondenbelasting wordt de aanslag in onderstaande volgordegesteld ten name van:
3.3.3.1. degene die als eigenaar wordt aangemerkt van het object waar de hond wordt gehouden;
3.3.3.2. degene die is ingeschreven in de gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens:
3.3.3.2.1. degene die het langst is ingeschreven in de gemeentelijke
basisadministratie persoonsgegevens in het object waar de hond wordt gehouden;
3.3.3.2.2. de oudste, in het geval van gelijktijdige inschrijving in de gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens in het object waar de hond wordt gehouden;
3.3.3.3. degene die een nutsvoorziening van het belastingobject waar de hond wordt gehouden, op naam heeft;
3.3.3.4. degene die bij de cluster belastingen reeds als belastingplichtige in de administratie voorkomt;
3.3.3.5. degene die de huur van het object betaalt waar de hond wordt gehouden, aan een elders wonende verhuurder;
3.3.2.6. degene die op andere wijze als houder van de hond naar voren komt.
3.4. Geen toepassing
3.4.1. De onderdelen 3.2. tot en met 3.3. vinden geen toepassing indien:
3.4.1.1.de aanslag kan worden opgelegd aan degene die met betrekking tot het voorgaandebelastingtijdvak of kalenderjaar de aanslag heeft gekregen, gezorgd heeft dat deaanslag betaald is en nog steeds belastingplichtig is;
3.4.1.2. bij de cluster belastingen bekend is dat één van de potentiële belastingplichtigen de desbetreffende aanslag op zijn/haar naam wil hebben, althans voor zover dit niet leidt tot een mogelijke situatie dat de belasting niet kan worden betaald dan wel ingevorderd.
3.5. Afsluitende bepalingen
3.5.1.Voor zover de belasting wordt geheven over een belastingtijdvak, is bij de toepassingvan de voorkeursvolgorde beslissend de situatie bij de aanvang van dat tijdvak of, zodit later is, bij de aanvang van de belastingplicht.
3.5.2.Aangezien de voorkeursvolgorde erop is gericht de aanslag op te leggen aan eenbelastingplichtige die in staat geacht mag worden om de belasting te betalen, kanook tot een andere keuze gekomen worden dan uit de voorkeursvolgorde zou volgen.
3.5.3.Wijzigingen kunnen - indien reeds een aanslag aan een belastingplichtige isopgelegd - pas plaatsvinden met ingang van het eerstvolgende belastingtijdvak.
3.5.4.Indien in uitzonderingsgevallen, door welke oorzaak dan ook, een aanslag wordtopgelegd in afwijking van het in de voorgaande onderdelen bepaalde, is die aanslagalleen ongeldig als er sprake is van willekeur.
3.5.5.Indien een belasting niet wordt geheven bij wege van aanslag, maar op anderewijze, is het bepaalde in de onderdelen 3.2. tot en met 3.5.4. van overeenkomstigetoepassing.
Artikel 3.
AANWIJZEN VAN EEN BELASTINGPLICHTIGE IN EEN KEUZESITUATIE
Onderdeel van Leidraad heffing gemeente Waalwijk