**1..** Een lid van de raad, een wethouder of de burgemeester, die door de gemeenteraad isaangewezen tot lid van het algemeen bestuur van een openbaar lichaam of van een ander gemeenschappelijk orgaan, ingesteld op grond van de Wet gemeenschappelijke regelingen, heeft het recht om een verslag te doen over zaken die in het orgaan als bedoeld aan de orde zijn. Een lid van de raad kan aan een door de raad aangewezen lid van een algemeen bestuur van een openbaar lichaam of een ander gemeenschappelijk orgaan aansluitend op de behandeling van de lijst ingekomen stukken vragen verslag te doen over zaken die in het orgaan als bedoeld aan de orde zijn.
**2..** De voorzitter van de raad doet een ordevoorstel met betrekking tot de verslaglegging als bedoeld in het eerste lid. Een door de raad gewenste bespreking van dit verslag kan de voorzitter verwijzen naar de desbetreffende commissie en een volgende raadsvergadering.
**3..** Ieder lid van de raad kan aan een persoon als bedoeld in het eerste lid, schriftelijke vragen stellen. De regels voor het stellen van schriftelijke vragen op grond van artikel 26 van dit reglement van orde zijn van overeenkomstige toepassing.
**4..** Wanneer een lid van de raad een persoon als bedoeld in het eerste lid ter verantwoording wenst te roepen over zijn wijze van functioneren als zodanig, besluit de raad over het toestaan daarvan.
**5..** Dit artikel is van overeenkomstige toepassing op andere organisaties of instituties, waarin de raad één van zijn leden heeft benoemd.
Hoofdstuk V
Artikel 45
Procedure verslag en verantwoording lidmaatschap andere organisaties
Onderdeel van Reglement van orde voor de vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad van de gemeente Westland 2013