1.Een persoon uit de doelgroep zoals bedoeld in artikel 2 kan voor de in artikel 27, onder a.
vermelde voorziening in aanmerking worden gebracht indien aantoonbare beperkingen het gebruik van het openbaar vervoer of het bereiken van het openbaar vervoer onmogelijk maken.
2.Een persoon uit de doelgroep zoals bedoeld in artikel 2 kan voor de in artikel 27, onder b. c.
en d. vermelde voorziening in aanmerking worden gebracht indien de in het vorige lid
genoemde oplossing niet aanwezig is of niet tot een snelle en adequate oplossing leidt.
HOOFDSTUK 5.
Artikel 28
Het recht op een voorziening
Onderdeel van Verordening Maatschappelijke Ondersteuning 2013