**1..** Alle begrippen die in deze verordening worden gebruikt en die niet nader zijn omschreven, hebben dezelfde betekenis als in de Wet werk en bijstand en de Algemene wet bestuursrecht.
**2..** In deze verordening wordt verstaan onder:
het college: het college van burgemeester en wethouders
de wet: de Wet werk en bijstand;
peildatum: datum waarop in enig jaar het recht op de langdurigheidstoeslag ontstaat;
referteperiode: een periode van 36 maanden voorafgaand aan de peildatum;
inkomen:het inkomen als bedoeld in artikel 32 van de wet, met dien verstande dat voor de zinsnede “een periode waarover een beroep op bijstand wordt gedaan” moet worden gelezen als “de referteperiode”, waarbij een bijstandsuitkering, in afwijking van artikel 32 van de wet, voor de beoordeling van het recht op langdurigheidstoeslag als inkomen wordt gezien.
minimumloon: het bruto minimumloon als bedoeld in artikel 8 eerste lid, sub a, van de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag.