**1.** Onverminderd het bepaalde in artikel 16 kan het college een vergunning voor een vaste standplaats, al dan niet voorwaardelijk, intrekken dan wel telkens voor ten hoogste vier achtereenvolgende marktdagen schorsen, indien de vergunninghouder of
een persoon die hem bijstaat:
a. het bepaalde bij of krachtens deze verordening of de voorschriften van de vergunning overtreedt;
b. zich schuldig maakt aan wangedrag of bedrog; of
c. niet of niet tijdig het verschuldigde marktgeld voldoet, dat wordt geheven op grond van artikel 229 van de Gemeentewet,
**2.** De verordening verstaat onder wangedrag in elk geval:
a. gedrag of handelen dat zodanig van aard is dat het de organisatie en/of het ordelijk verloop van de markt in de weg staat;
b. uitlatingen in strijd met de fatsoensnormen;
c. aanstootgevend gedrag;
d. het verstoren van de openbare orde.
Hoofdstuk 6
Artikel 28
Intrekking en schorsing vaste standplaatsvergunning
Onderdeel van Marktverordening Súdwest-Fryslân 2012