De belasting wordt niet geheven terzake van honden:
die uitsluitend dienen om personen met een visueel handicap te
leiden, dan wel als zodanig in opleiding zijn voor een erkend
opleidingsinstituut;
die als hulphond aan personen met een motorische of auditieve
handicap ter beschikking zijn gesteld, dan wel als zodanig in
opleiding zijn voor een erkend opleidingsinstituut;
die door de “Internationale Zweethonden Vereniging” zijn erkend als
“SZN nazoekteam” en ook als zodanig worden ingezet;
die in een hondenasiel verblijven, indien de eigenaar van
een dergelijke inrichting houder is van een vergunning als
bedoeld in artikel 2 van de Wet op de dierenbescherming (Wet
van 25 januari 1961, Staatsblad 19);
die uitsluitend ten verkoop in voorraad worden gehouden door een houder
met een vergunning als bedoeld in artikel 2 van de Wet op de
dierenbescherming;
die jonger zijn dan drie maanden, voor zover zij tezamen met de
moederhond worden gehouden.
Artikel 3
- Vrijstellingen
Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van hondenbelasting 2013