Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4

Artikel 41a

Mondelinge vragen

Onderdeel van Reglement van orde voor de vergaderingen en andere werkzaamheden van de gemeenteraad

1.. Na de vaststelling van de wijze van afdoening van de ingekomen stukken is er gedurende maximaal een half uur gelegenheid voor de leden van de raad het college of de burgemeester mondeling vragen te stellen. 2.. De voorzitter bepaalt de volgorde waarin aangemelde onderwerpen tijdens het vragenuur aan de orde worden gesteld. 3.. Per onderwerp bedraagt de spreektijd voor de vragensteller, voor het college en voor de burgemeester in totaal maximaal vijf minuten. De voorzitter verdeelt de spreektijd evenredig over het aantal onderwerpen als er meer dan zes onderwerpen zijn aangemeld. De voorzitter kan tevens in bijzondere gevallen afwijken van de maximale lengte van de spreektijd. 4.. Per onderwerp wordt aan de vragensteller het woord verleend om één of meer vragen aan het college of de burgemeester te stellen en een toelichting daarop te geven. 5.. Na de beantwoording door het college of de burgemeester krijgt de vragensteller desgewenst het woord om aanvullende vragen te stellen. 6.. Tijdens het vragenhalfuur kunnen geen moties worden ingediend en worden geen interrupties toegelaten.

Rechtspraak bij dit artikel