**1..** De voorzitter vraagt, of stemming wordt verlangd. Indien geen stemming wordt gevraagd en ook de voorzitter dit niet verlangt, stelt de voorzitter vast dat het voorstel zonder hoofdelijke stemming is aangenomen.
**2..** In de vergadering aanwezige leden kunnen aantekening in de notulen vragen dat zij geacht willen worden te hebben tegengestemd of zich van stemming te hebben onthouden.
**3..** Indien door een of meer leden stemming wordt gevraagd, doet de voorzitter daarvan mededeling.
**4..** De stemming vindt plaats door handopsteking of geschiedt mondeling.
**5..** Bij de stemming is ieder ter vergadering aanwezig lid dat zich niet van deelneming aan de stemming moet onthouden verplicht zijn stem uit te brengen.
**6..** Bij stemming door handopsteking roept de voorzitter (of de griffier) de leden van de raad die hun stem voor willen uitbrengen op hun hand op te steken. Vervolgens roept de voorzitter (of de griffier) de leden van de raad die hun stem tegen willen uitbrengen op hun hand op te steken. Wanneer de aantallen voor en tegen uitgebrachte stemmen niet tezamen gelijk zijn aan het aantal leden dat ingevolge het vijfde lid verplicht is zijn stem uit te brengen, wordt een nieuwe stemming gehouden.
**7..** Bij mondelinge stemming roept de voorzitter (of de griffier) de leden van de raad bij naam op hun stem uit te brengen. De stemming begint bij het lid dat daarvoor overeenkomstig artikel 17 is aangewezen. Vervolgens geschiedt de oproeping naar de volgorde van de presentielijst. De leden brengen hun stem uit door het woord ‘voor’ of ‘tegen’ uit te spreken, zonder enige toevoeging.
**8..** Heeft een lid zich bij het mondeling uitbrengen van zijn stem vergist, dan kan hij deze vergissing nog herstellen voordat het volgende lid gestemd heeft. Bemerkt het lid zijn vergissing pas later, dan kan hij nadat de voorzitter de uitslag van de stemming bekend heeft gemaakt wel aantekening vragen dat hij zich heeft vergist; in de uitslag van de stemming brengt dit echter geen verandering.
**9..** De voorzitter deelt de uitslag na afloop van de stemming mede, met vermelding van het aantal voor en tegen uitgebrachte stemmen. Hij doet daarbij tevens mededeling van het genomen besluit.
Hoofdstuk 3 › Paragraaf 3
Artikel 30
Algemene bepalingen over stemming
Onderdeel van Reglement van orde voor de vergaderingen en andere werkzaamheden van de gemeenteraad