**1..** Burgemeester en wethouders kunnen een in het register
ingeschreven woningzoekende urgent verklaren, waarbij de
volgende voorwaarden van toepassing zijn:
**a..** de woningzoekende is ingezetene van de regio en;
**b..** de woningzoekende beschikt(e) over zelfstandige woonruimte in de
regio en;
**c..** er is sprake van een bijzondere persoonlijke noodsituatie
en;
**d..** de noodsituatie is ontstaan buiten eigen schuld en was door de
woningzoekende niet te voorzien en;
**e..** de woningzoekende kan aantonen eerst zelf naar een oplossing te
hebben gezocht en;
**f..** een verhuizing binnen zes maanden is noodzakelijk en;
**g..** de woningzoekende is niet in staat om zelf binnen zes maanden
voor passende huisvesting te zorgen via het aanbodsysteem als
bedoeld in artikel 2.6.1. of op andere wijze.
**2..** De in het vorige lid gestelde voorwaarden 1e. tot en met 1g.
zijn niet van toepassing voor urgentie op grond van een
volkshuisvestelijke indicatie.
**3..** In afwijking van lid 1 onder a kan het vereiste van het bewonen
van een voor permanente bewoning bestemde woonruimte vervallen,
indien bij een aanvraag op grond van een medische indicatie de
medisch adviseur positief adviseert en de niet-permanente woning
door de aanvrager tenminste gedurende 5 jaar onafgebroken
feitelijk werd bewoond.
**4..** In afwijking van lid 1 onder b kan het vereiste van het bewonen
van een zelfstandige woonruimte vervallen, indien er sprake is
van zwaarwegende medische redenen welke het beschikken over
zelfstandige woonruimte noodzakelijk maakt en de medisch
adviseur aldus adviseert.
**5..** Er zijn de volgende indicatiegronden voor urgentie:
A.Sociale indicatie
Sociaal geïndiceerden zijn ingezetenen van de regio die in
verband met sociale problemen in combinatie met omstandigheden
in de huidige in de regio gelegen woning dringend op korte
termijn een andere woning nodig hebben. Alleen onder de
navolgende genoemde omstandigheden wordt een sociale indicatie
verleend:
a.Dreigende dakloosheid buiten eigen schuld of
toedoen
Degenen die buiten eigen schuld of toedoen hun woonruimte moeten
verlaten kunnen uitsluitend in de volgende gevallen in
aanmerking komen voor urgentie:
het onvoorzienbaar moeten verlaten van een echte
dienstwoning, voor zover de werkgever de werknemer tot
vrije oplevering heeft gedwongen;
het verlaten van woonruimte ten gevolge van een
gerechtelijk (niet zijnde echtscheidings-) vonnis, voor
zover dit niet door de betrokkene voorkomen had kunnen
worden;
een calamiteit zoals brand of overstroming.
Het verzoek om sociale indicatie voor urgentie moet uiterlijk
binnen een maand na het ontstaan van de dakloosheid buiten eigen
schuld of toedoen worden gedaan.
b.Relatiebeëindiging
Degenen die de zorg voor minderjarige kinderen hebben en bij wie
de kinderen geregistreerd staan volgens de gemeentelijke
basisadministratie van een van de regiogemeenten, kunnen in
aanmerking komen voor urgentie nadat een (voorlopige)
voorziening bij echtscheiding is getroffen (waarbij urgentie op
basis van voorlopige voorziening alleen kan worden afgegeven
indien aantoonbaar het echtscheidingsverzoek is ingediend), dan
wel sprake is van verbreking van een geregistreerd partnerschap
of een notarieel vastgelegd samenlevingscontract, dan wel
blijkend uit de Gemeentelijke Basisadministratie dat betrokkenen
minimaal twee jaar samenwonen, voor zover:
in geval van echtscheiding:
de rechter is afgeweken van het verzoek tot
toewijzing van de in de regio gelegen woning door
de partij, die de zorg voor het (de) minderjarige
kind(eren) op zich neemt;
aantoonbaar is dat in de echtscheidingsprocedure
het recht om in de huidige woning te blijven
wonen, alsmede voldoende alimentatie of ander
inkomen om de woonlasten op te kunnen brengen zijn
geclaimd en
het verzoek om sociale indicatie voor urgentie
binnen drie maanden na de gerechtelijke uitspraak
wordt gedaan.
in geval van verbreking van een geregistreerd
partnerschap of een notarieel vastgelegd
samenlevingscontract, dan wel blijkend uit de
Gemeentelijke Basisadministratie dat betrokkenen
minimaal twee jaar samenwonen:
-aantoonbaar is door middel van een schriftelijk
en aangetekend verzoek dat door de partij die de
zorg voor het (de) minderjarige kind(eren) op zich
neemt het recht om in de huidige woning te blijven
wonen, alsmede voldoende alimentatie of ander
inkomen om de woonlasten op te kunnen brengen zijn
geclaimd en
het verzoek om sociale indicatie voor urgentie
binnen drie maanden na verbreking van de relatie
wordt gedaan.
Aan de onder I. en II. genoemde verplichting tot het claimen van
het recht om in de huidige woning te blijven wonen, alsmede
voldoende alimentatie of ander inkomen te claimen om de
woonlasten op te kunnen brengen, hoeft niet te worden voldaan
als schriftelijk aantoonbaar kan worden gemaakt dat het niet
zinvol is een dergelijke claim te leggen.
Hiervan is in ieder geval sprake indien:
de betreffende woning op naam van de partner
staat, voor zover er geen sprake is van een
gemeenschap van goederen, of
de partner waarbij de claim zou worden
neergelegd slechts een uitkering op
bijstandsniveau heeft.
Relatiebeëindiging met gedeelde zorg
voor minderjarige kinderen
(co-ouderschap)
In het geval van co-ouderschap kan slechts urgentie aan één van
de ouders worden verleend. De hierboven onder b, I en II
genoemde voorwaarden zijn van overeenkomstige toepassing. In het
geval dat één van beide ouders in de huidige woning kan blijven
wonen wordt in geval van co-ouderschap geen urgentie verleend
aan de andere ouder.
d.Financiële omstandigheden
Ingezetenen van de regio, die de zorg voor
minderjarige kinderen hebben en bij wie de
kinderen geregistreerd staan, die buiten eigen
schuld financieel in zodanige problemen zitten dat
zij de woonlasten niet meer op kunnen brengen,
kunnen uitsluitend in aanmerking komen voor
urgentie indien de betrokkene daadwerkelijk in
aanmerking komt voor Huurtoeslag of een uitkering
uit een gemeentelijk woonlastenfonds, dan wel een
woonkostentoeslag van de sociale dienst ontvangt
onder voorwaarde om te zien naar goedkope
woonruimte. De financiële problemen mogen niet
direct het gevolg zijn van
relatiebeëindiging.
Voorts kunnen ingezetenen van de regio in
aanmerking komen voor urgentie indien zij buiten
eigen schuld of toedoen hun woonruimte moeten
verlaten, als gevolg van het overschrijden van de
maximale huurgrens voor huurtoeslag indien,
gegeven het inkomen, recht op huurtoeslag
bestaat.
Medische indicatie
Ingezetenen van de regio, die in een om medische redenen
(fysiek/psychisch) onhoudbare woonsituatie verkeren en om die
reden een indicatie voor andere woonruimte hebben ontvangen,
kunnen in aanmerking komen voor urgentie. Datzelfde geldt voor
ingezetenen van de regio die te maken hebben met een als gevolg
van de woonsituatie zeer progressief ziektebeeld. Indien in het
kader van de Wet Maatschappelijke Ondersteuning verhuizing wordt
aanbevolen in verband met ergonomische belemmeringen door
ernstige fysieke belemmeringen kan aan ingezetenen van de regio
urgentie worden verleend, mits verhuizen naar oordeel van
burgemeester en wethouders spoedeisend is en de goedkoopst
adequate voorziening is.
C.Volkshuisvestelijke indicatie
Huurders en eigenaar-bewoners van woningen in de regio die in
het belang van de volkshuisvesting of ter uitvoering van
openbare werken in het algemeen belang, gesloopt of ingrijpend
verbeterd moeten worden, kunnen in aanmerking komen voor
urgentie.
Burgemeester en wethouders kunnen bij afgifte van de urgentie
als hierboven bedoeld bepalen dat betrokken bewoners na
voltooiing van de werken eenmalig een vooraf te bepalen passend
aanbod krijgen tot terugkeer in het ingrijpend verbeterde of
nieuwgebouwde complex. Wanneer geen passend aanbod als bedoeld
in paragraaf 2.3. kan worden geboden in het ingrijpend
verbeterde dan wel nieuwgebouwde complex, kan eenmalig een
passend aanbod tot terugkeer elders in de woonbuurt worden
gedaan.
D.Maatschappelijke indicatie
Woningzoekenden die in verband met navolgende omstandigheden
dringend woonruimte nodig hebben kunnen in aanmerking komen voor
urgentie, het betreft hier:
personen die verblijven in een van gemeentewege erkend
opvangtehuis in de regio of uit een van gemeentewege
erkende hulp- en dienstverleningsinstellingen in de
regio, over wie met betrekking tot toewijzing van
woonruimte in regionaal of lokaal verband afspraken zijn
gemaakt;
personen die slachtoffer zijn van huiselijk geweld en
met succes een beroep hebben gedaan op de Wet tijdelijk
huisverbod en die de zorg voor minderjarige kinderen
hebben.
HOOFDSTUK 2 › Paragraaf 2.5
Artikel 2.5.1
Urgent woningzoekenden
Onderdeel van Huisvestingsverordening gemeente Lopik 2013