In deze verordening wordt verstaan onder:
storten van afvalstoffen: op of in de bodem brengen van afvalstoffen, al dan niet in verpakking, om deze stoffen daar te laten;
stortplaats: inrichting waar afvalstoffen worden gestort, dan wel het gedeelte van een inrichting, waar afvalstoffen worden gestort, indien in de inrichting niet uitsluitend afvalstoffen worden gestort;
gesloten stortplaats: stortplaats ten aanzien waarvan de in artikel 8.47, derde lid, van de Wet milieubeheer, bedoelde verklaring is afgegeven;
bedrijfsgebonden stortplaats: stortplaats waar uitsluitend afvalstoffen worden gestort, die afkomstig zijn van binnen de inrichting waartoe de stortplaats behoort;
baggerspeciedepot: stortplaats waar uitsluitend baggerspecie wordt gestort;
niet-bedrijfsgebonden stortplaats: stortplaats niet zijnde bedrijfsgebonden stortplaats of baggerspeciedepot;
ton: gewichtseenheid van 1.000 kg;
doelvermogen: het voor de eeuwigdurende nazorg benodigde vermogen dat op het moment van de aanvang van de nazorg moet zijn opgebracht.